De wijngaarden van Las Condes gevuld met de Carmenere druif staan in de wijnregio Central Valley. Een perfect stukje landschap welke wordt beïnvloed door warme zomers, verkoeling van de wind vanaf het Andes gebergte en de vrij koele nachten. Het klimaat is hiermee perfect en dat resulteert in een perfecte oogst van de Carmenere druif. Deze wordt bij de perfecte rijpheid in de nacht geoogst waarna de trossen op sorteertafels bij Las Condes worden gesorteerd. Enkel de beste trossen voeden deze rode wijn en de schillen mogen wel tien dagen mee gisten waardoor er een unieke kleur en geur ontstaat.
Bij het open maken de fles ruiken we direct een krachtige geur van vers rood en zwart fruit met daarbij wat lichte kruiden. In het glas kleurt hij prachtig robijn rood met een paarse gloed. We walsen even met het glas en brengen onze neus naar het glas. En dan begint het feest, een zwoele geur van verse kersen, bramen en aardbeien aangevuld met verschillende kruiden. De fijne geur wordt voortgezet in de smaak en geeft een fluweelachtig gevoel. Een mooie diepgang met veel rijp fruit waarbij kersen de overhand hebben. De afdronk is zachter dan zacht en geeft een prima nasmaak.
